woensdag 6 juli 2011

over oude contacten en Blavatsky

Dag Kids (brief 7)

Elkaar weer even niet gezien hé? Ik krijg ook weinig respons van jullie op mijn stukken. Komt natuurlijk omdat jullie (rond de 30) in een fase zijn van (ver)huizen, banen en relaties. Het 2de bedrijf van jullie leven gaat beginnen. Wij zijn met het 3de en laatste bedrijf begonnen. Ik heb meer tijd dan jullie. Toch bij deze nog een keer een uitnodiging om te reageren. Je kan ook gewoon op dit blog op 'reacties' klikken en beginnen te typen. Maar zoals ik in het begin al zei, het hoeft niet, dit is voor mij ook een werkmanier.

Laat ik weer verder gaan met mijn therapeutisch zelfbehandel programma door middel van schrijven. Ja, mezelf als ziek beschouwen heeft zo ook zijn voordelen, ik merk dat ik dingen nou makkelijker op durf te schrijven. Ik hoef niet meer gezond en correct over te komen. Wat een bevrijding is deze ziekte.

Ik merk dat ik me steeds min of meer verontschuldigde als ik het over het onderwerp Islam in het westen had. Dat komt ook doordat ik nog steeds niet het gevoel heb dat ik duidelijk kan maken wat de kern van mijn zorg is. Ook heb ik het gevoel dat het niet overkomt, maar dat laatste zal dan wel het gevolg zijn van het eerste. Dat moet nou maar eens afgelopen zijn. Laat ik beginnen met mijn stuk over de twee-eenheid van identiteit en demografie nog iets meer toe te lichten.

Het punt is dat als de mohammedanen niet in hun identiteit veranderen (ik bedoel niet 'van identiteit wisselen') er eigenlijk steeds minder (culturele) westerlingen in Nederland (en in Europa als geheel) wonen. Over 30 á 40 jaar zijn de procentuele aantallen behoorlijk gegroeid. Ik lees daar regelmatig over maar vergeet dan de precieze aantallen. Ik ga dat nou niet opzoeken. Duidelijk is dat er tegen die tijd als het ware een grote volksverhuizing heeft plaats gevonden. Het gaat er niet om dat veel mensen dan Marokkaanse en Turkse achternamen hebben, ook niet dat ze een andere huidskleur hebben maar het gaat om een geestelijke groei en verandering. Het gaat om innerlijke westerse waarden en om het gevaar dat de ontwikkeling daarvan mogelijk afgebroken wordt. Ik zou dat heel erg vinden. Daar zit ik met spanning naar te kijken. Vindt die verandering bij hun niet plaats, sluiten zij zich hier niet bij aan dan hebben jullie kinderen straks te maken met een soort van kastenmaatschappij. Een blanke bovenlaag, een getinte middenlaag van gelovige monotheïsten die hard werken en een ‘voornamelijk zwarte’ onderlaag.

De harde onveranderlijke eenheid van die (voornamelijk Islamitische) middenlaag zou ik liever open, stromend en veranderlijk zien. Dit is een hele harde noot die moeilijk te kraken is. De identiteit van moslims, dwz. hun persoonlijke zelfidentificatie met Mohammed, Koran en Allah is de harde kern van die noot. De hoofdzaak van het Islamitische geloof is eenheid. De eenheid van Tawhid (eenheid van god) en daaraan intrinsiek verbonden de eenheid van de oema, van de geloofsgemeenschap. Die ondeelbare eenheid vergelijk ik soms met een cel die niet wil delen. Terwijl celdeling toch juist een teken van leven, groei, verandering, ontwikkeling en vooruitgang is. Deze gestolde eenheid zie ik als de geestelijke oorzaak van het feit dat Islamitische culturen achterblijven bij andere landen zoals bijv. Japan, India, Brazilië, China enz. Deze landen missen (gelukkig) dat innerlijke remsysteem.

Hee, lang niet gezien

Over de eenheid van Tawhid en Oema wil ik een volgende keer schrijven. Nu wil ik jullie eerste even wat anders vertellen

Ik ben binnen het tijdsbestek van een week of twee (toevallig!) enkele mensen tegengekomen die ik al 30 en 35 jaar niet meer gezien had. Ik ging met ze om in de jaren ‘70. Met een van hen kwam ik te spreken over theosofie en het boek ‘De Geheime Leer’ waar ik in die tijd mee bezig was. In een mailcontact wat later vroeg hij:

“Ik ben nieuwsgierig naar jouw relatie, op dit moment, tot die werken. Ik begrijp dat je je los hebt gemaakt uit de Theosofische wereld, maar spreken de principes je daarvan nog aan ? En welk deel heeft een praktisch nut voor jou ?”

Ik heb zelf het gevoel dat die theosofische studies me sterk hebben beïnvloed. Dat ze mede de grond van mijn denken en niet-denken hebben bepaald. De principes, met name de grondbeginselen van die esoterische filosofie spreken me inderdaad nog steeds aan. Ook is die invloed te vinden in hoe ik de onderwerpen in deze brieven en opstellen bespreek.

De tweede vraag was ‘welk deel praktisch nut heeft voor mij’. Wat is praktisch nut? Wat is nuttig? Ik weet dat ik een heel onpraktisch mens ben. Is deze kennis überhaupt nuttig? Nou, je merkt het al hé. Meteen aan het filosoferen en vragen stellen. Theosofie is zo esoterisch, zo transcendent, mystiek en spiritueel. Het is ook filosofisch en heel mentaal.
Maar ik moet de vraag beter lezen natuurlijk. Er wordt gevraagd naar het praktisch nut ‘voor mij’. Nou ja, ik ben er praktisch altijd mee bezig, dus het vult heel wat leegte op zou je kunnen zeggen. Het is dus spiritueel materialisme voor mij geworden om eerlijk te zijn. Een spirituele, eigenlijk mentale verslaving mag je het ook noemen. Natuurlijk is dat nou net niet de bedoeling. Het gaat om de leegte, om de ruimte die in die leegte te vinden is. Om zo essentie, het wezenlijke zich te laten ontvouwen. Daarvoor moet ik dan wel leeg, open en alert blijven. Dat nu, gaat me vaak erg moeilijk af. Ik ben er dus wel praktisch mee bezig. Nut heb ik er af en toe een klein schijntje van. Een moment van vrede, van geluk, van liefde, van betekenis, van waarheid - van die dingen af en toe. Dat voelt heel nuttig en doet me erg goed.

Een ander praktisch nut is dat ik erdoor geleerd heb kritisch te kijken naar spirituele bewegingen, spirituele leringen, religies en godsdiensten. Kritisch op mijn manier dan, een scholing waarin ik echt leerde denken en analyseren zoals jullie op een HBO en Universitaire opleiding heb ik nooit kunnen krijgen. Het was voor mij autodidactisch sprokkelwerk. Het volgende artikel dat ik ga plaatsen zou ik niet hebben kunnen schrijven zonder deze achtergrond.

Blavatsky was een op en top anti-monotheïste. Ze schijnt zelfs nog een schotwond opgelopen te hebben door zich op te houden met de troepen van Garibaldi die de pauselijke legers bevochten, én versloegen! Naar het monotheïsme toe merk ik die invloed heel sterk in mezelf. De term ‘priester-politici’ bijvoorbeeld heb ik van haar zo realiseerde ik me pas nog. Ik zie haar ook als de grootmoeder van de ‘nieuwe spirituelen’, die ik eerder noemde. Meer specifiek van de holistische en new age beweging van eind vorige eeuw. Zij had die als het ware een eeuw eerder (de theosofische vereniging werd gesticht in 1875) voorbereid. Veel van de open, tolerante, niet-westerse cultuurminnende stromingen sinds de 70er jaren in het westen zijn min of meer terug te voeren op de theosofische beweging van eind 19de en begin 20ste eeuw. Er zijn goede en slechte zaken gedaan natuurlijk. ‘Zoals met alles in dit ondermaanse’ zoals zij het zou zeggen.
Hier valt meer over te zeggen natuurlijk maar er blijkt denk ik 'praktisch nut', bij mijn kritiek op de godsdiensten en dan vooral op het monotheïsme. Blavatsky viel vooral het christendom aan en in tweede instantie het Jodendom. Dan altijd het exoterische deel er van. Over de Islam zei ze bijna niks.

Ik zet haar anti-montheïstische strijd graag in de huidige tijd voort naar de Islamitische kop van 'de bezoeking van het driekoppige monotheïstische monster' in het westen, om het maar eens in strijdvaardig Blavatskyaans uit te drukken.