vrijdag 5 april 2013

Antwoord aan Martha Nussbaum

Naar aanleiding van berichten over haar nieuwste boek;

De nieuwe religieuze intolerantie

een uitweg uit de politiek van de angst


(Het schuingedrukte geeft aan dat niet Nussbaum maar de schrijver/blogger aan het woord is.)


In het blad van de Internationale School Voor Wijsbegeerte wordt aangekondigd dat Martha Nussbaum op 23 Juni zal spreken over ‘De nieuwe religieuze intolerantie’. In haar nieuwe boek met die naam analyseert zij, ik citeer:

“…een groot aantal voorbeelden van intolerantie ten opzichte van religieuze minderheden – en dan met name ten opzichte van moslims. Ze gaat in op de vraag of sharia-rechtbanken toelaatbaar zijn. Verder bespreekt ze de moslimangst van Breivik, het voorstel voor een boerkaverbod van Rita Verdonk, het Franse model van de laïcité en het minarettenverbod in Zwitserland. (…) Zij concludeert dat steeds meer Europese landen en Amerikaanse staten zich laten leiden door angst voor het onbekende, en angst is zelden een goede raadgever. Teruggrijpend op Sokrates, Aristoteles en de literaire traditie pleit ze zoor een kritische tolerantie en een herstel van de religieuze vrijheden.”

Ik begrijp dat het eigenlijk gaat over intolerantie tegen godsdienst en meer speciaal tegen de Islam. Wel een interessante vergissing om dit religieuze intolerantie te noemen daar de Islam zelf een intolerante religie is. Het gaat dus eigenlijk over intolerantie tegenover een intolerante religie en cultuur. In deze moderne tijd van internationalisering valt het belang van een 'religieuze minderheid' te zijn weg. Haar intrinsieke intollerantie en geweld-dadigheid is niet afhankelijk van een bepaalde groepsgroote in een bepaald land. Het concept van oemma broederschap werkt over alle grenzen heen, dat laten de laatste decennia duidelijk zien.  

Bij Bol.com lees ik in de samenvatting het volgende:

Hoe komt het dat sommige kranten de moord op 77 Noren toeschreven aan islamitische extremisten, totdat duidelijk werd dat een rechtse terrorist de dader was? Waarom werden in Zwitserland, een land van vier minaretten, middels een referendum deze bouwwerken verboden? Hoe kan het dat het plan voor een cultureel centrum voor moslims op Manhattan leidde tot een verhit politiek debat in de Verenigde Staten?

Daar is een eenvoudig antwoord op; de Islam heeft het westen (en vooral ook de moslims natuurlijk) een lesje geleerd en laten kennismaken met hun inhoud van het begrip respect dat m.i. niets anders is dan ontzag, ingeboezemd door macht, dreiging en geweld. Wat grover uitgedrukt: terreur.

In haar nieuwe boek analyseert Martha Nussbaum een groot aantal voorbeelden van intolerantie ten opzichte van religieuze minderheden – en dan met name ten opzichte van moslims.

Zou ze ook ingaan op het feit dat men intolerant is naar alle andere godsdiensten behalve de Islam?

Ze laat zien dat in al deze gevallen angst voor het andere en onbekende een belangrijke drijfveer is.

Fout. Angst voor het onbekende kent iedereen, zeker ook moslims die een van de meest xenofobische culturen hebben die er bestaan. Men is nu juist bang voor de gestelde voorbeelden die de Islam de laatste decennia presenteert.

Geïnspireerd door de filosofie, geschiedenis en literatuur formuleert zij een uitweg uit de greep van de angst. Respect voor andermans gewetensvrijheid is daarbij van cruciaal belang, en de bereidheid anderen te gunnen wat we voor onszelf verlangen.

Gewetensvrijheid is inderdaad cruciaal. Het is de kern van de problematiek die het westen heeft met de Islam. We zien dat de Islam individuele gewetensvrijheid volledig fnuikt. Iedereen gunt moslims hun vrijheid, echter we voelen op onze klompen aan dat die aan de ongelovigen (en dat zijn wij), niet gegund wordt. Hoe staat het met de wederkerigheid? Gunt de Islam anderen wat zij voor zichzelf verlangt? Verlangt zij individuele gewetensvrijheid dan? Nee ze legt haar religieuze imperium aan iedereen op. Ongelovigen hebben een speciale (tweederangs) plaats in het Islamitische wereldbeeld en in hun rechtspraak. Daar ben ik inderdaad bang voor en met mij velen, al laten weinigen dat merken. Hoewel, bang? Nee, ik bedank er voor en wil een ontwikkeling in die richting voorkomen. Hier is misschien de bovenstaande term van Nussbaum bruikbaar; kritische tolerantie. Hoe kritisch tolerant wil Nussbaum zijn tegenover de religieuze intolerantie van de Islam. Dat zullen we op 23 Juni van haar horen.  Hopelijk.













Geen opmerkingen: